Geschiedenis

Zoals in ons logo terug te zien is, bestaat de fouragehandel sinds 1866. Grondlegger van het bedrijf was Gijsbertus Houtman (geb.19-12-1832) die afhankelijk papiermaker was op een papiermolen te Waddinxveen. Kennelijk was hij niet van plan om evenals zijn vader schepper op een papiermolen te blijven, want in 1866 begon hij voor zichzelf met diverse zakelijke activiteiten. Hij startte een meelhandel plus een slijterij annex café (aan de toonbank) aan de Achterkade nr.111 (nu Burg. Colijnstr.) in Boskoop. Gijsbertus pakte blijkbaar alles aan, want hij ging b.v. ook dinsdags met vee naar de markt in Rotterdam.

Toen Gijsbertus in 1890 op 57-jarige leeftijd overleed, verkocht zijn weduwe de zaak en kocht een kruidenierszaak aan de Achterkade nr.207. Mede door de inbreng van haar zoon Gijsbertus jr. werd van lieverlede het verkoopassortiment uitgebreid, nl. vanuit de winkel: kruidenierswaren en brood en vanuit een schuur aan de slootkant (tegenover de winkel): mesting (oude benaming voor veevoer zoals graan en maïs), turf, brandhout, petroleum en klompen. Ook tijdens zijn huwelijk bleef Gijsbertus jr. bij zijn moeder in de zaak werken en nam deze uiteindelijk over. Gijsbertus bepaalde dat zijn zoons Gijs en Jan in de zaak zouden komen, en tevens dat Gijs zou worden opgeleid om molenaar te worden en werkte daarna op verschillende molens in den lande.


Paard en wagen met stro. Op de bok rechts G.J. Gijs en linksKees van der Veer.
De graan- en fouragehandel betrof ten tijde van de splitsing in 1932 in grote lijnen: de levering van hooi, stro, veevoeders en kunstmest aan veehouders in en rond Boskoop, de levering van turfstrooisel, kunstmest en (dek)stro aan de boomkwekers en de levering van bloem, meel, en voer voor kleinvee aan particulieren. Hierbij moet wel worden bedacht, dat er in en rond Boskoop van oudsher veel kwekers en particulieren waren die er enkele varkens en/of koeien op na hielden, zodat daar ook mesting werd geleverd. In de 50er jaren werd het hoog tijd om paard en wagen in te ruilen voor een vrachtwagen. Geld was er niet, dus werd er een oude vrachtwagen uit 1928(!) overgenomen van Arie Schouten, die een transportbedrijf had aan de Zijde.

De grote ommekeer in het bedrijf kwam toen Jan, zoon van Gijs, begin 60er jaren het bedrijf van zijn vader overnam, nadat hij eerst de zaak een aantal jaren samen met zijn vader had gerund. Hij realiseerde zich dat er door de moordende concurrentie (12 graan- en fouragehandelaren in de regio) nimmer kans op succes zou bestaan. Hij stortte zich van meet af aan op de toelevering van de boomkwekerij; een branche die na de oorlog een gouden tijd tegemoet ging. Het handelsassortiment werd onbeperkt uitgebreid.

Het steeds maar uitdijende assortiment betekende wel dat het pakhuis aan de Badhuisweg veel te klein werd. Verderop aan de Badhuisweg en aan de Parklaan werden diverse loodsen gehuurd; en aan de Burg. Colijnstraat twee opslagterreinen gekocht. De situatie bleek echter op den duur onhoudbaar. Steeds grotere vrachtwagens zorgden bij aanvoer op alle locaties voor blokkades. Bovendien zorgde de opslag van turfstrooisel op de terreinen aan de Burg. Colijnstraat voor veel overlast voor de omwonenden.



De eerste vrachtauto uit 1928
Nadat de eerste besprekingen met B. en W. van Boskoop over aankoop van gemeentegrond in de 60er jaren niet tot succes had geleid, werden de onderhandelingen in 1973 succesvol heropend, en werd er overeengekomen dat de opslagterreinen aan de Burg. Colijnstraat aan de gemeente Boskoop afgestaan zouden worden in ruil voor het verkrijgen (tegen betaling uiteraard) van 2,3 ha. grond aan de Halve Raak om aldaar te kunnen bouwen, uit te breiden, en ongehinderd materialen te kunnen opslaan. Op 26 januari 1978 werd het nieuwe complex op feestelijke wijze geopend.

Na het plotseling overlijden van Jan in 1979 werd er door de erven gekozen voor voortzetting van de onderneming binnen de familie Houtman. Gerard, de broer van Jan, werkte reeds sinds de 60er jaren in het bedrijf, nam via een juridische reorganisatie het bedrijf over. Al snel bleek Gerard uit het goede hout te zijn gesneden, want binnen een half jaar had hij zich ingewerkt, en was alles weer onder controle. Tijdens Gerard's beheer werden o.a. bedrijfskleding, schaduwhallen en plastic kassen in het activiteitenprogramma opgenomen. Na Gerard's aantreden begon ook de potcultuur aan de grote opmars.

Groot was dan ook de schok toen Gerard - bijna 11 jaar na Jan - op 26 mei 1990 plotseling overleed. Bij sommigen begon de mening post te vatten dat het nu wel "over en uit" zou zijn. Echter niet bij de familie. Wederom besloten de erven het bedrijf binnen de familie voort te zetten. Procuratiehouder Aad van Dijk - sinds 1965 werkzaam in het bedrijf - werd bereid gevonden het directeurschap op zich te nemen.

   

Vanaf 1996 verzorgde Aad van Dijk de begeleiding van Gerard's zoons Perry en Rick, die reeds jaren in de zaak werkzaam zijn, zodat zij bij het terugtreden van Aad in januari 2001 zodanig waren ingewerkt en opgeleid dat zij beiden de leiding van het bedrijf op zich konden nemen.

Mede door de expansie van het bedrijf en de beschikbare ruimte zijn momenteel alle denkbare boomkwekerijbenodigdheden leverbaar.

Bovenstaand stukje geschiedenis is een beknopte samenvatting uit het jubileumboekje dat in januari 2001 in eigen beheer uitgegeven is naar aanleiding van het 135-jarig bestaan. Dit boekje werd gedrukt bij Drukkerij Het Groene Hart B.V. onder redactie van A.J. Houtman.